D. Weer een D. Zondagavond las ik met de laptop op schoot de Funda-pagina na van de tussenwoning in Zwolle-Zuid die we zaterdag hadden bekeken, en onderaan stond hetzelfde gele vakje als bij bijna alles wat we sinds januari van binnen hebben gezien.
Ik heb het even geteld. Zes huizen bezichtigd: vier keer label D, één E (het hoekhuis in Assendorp waar we vorige maand op boden) en één C. Dat laatste huis was op papier mijn favoriet. Daar kom ik zo op terug, want juist dat label bleek weinig te zeggen.
Wat zo'n label eigenlijk meet
Ik dacht eerlijk gezegd dat een energielabel iets zei over de energierekening van de mensen die er wonen. Dat is dus niet zo. Het label gaat over het gebouw: hoe goed muren, dak en vloer geïsoleerd zijn, wat voor glas erin zit en hoe het huis wordt verwarmd en geventileerd. Een adviseur komt langs, noteert dat allemaal en rekent uit hoeveel energie een gemiddeld huishouden in zo'n huis nodig zou hebben. Hoe warm de bewoners het willen hebben of hoe lang ze douchen, telt niet mee.
Toen ik dat aan Bram uitlegde, zei hij: "Dus het is een cijfer voor het huis, niet voor de mensen." Precies dat. Bij een huis uit de jaren zestig betekent een D in de praktijk vaak: dubbel glas, misschien wat isolatie onder het dak en verder niet veel. Geen gevulde spouwmuur, niets onder de vloer. Geen drama, maar je merkt het wel aan de rekening in januari.
Wat ik ook niet wist: een label is tien jaar geldig, en tot 2021 kon een eigenaar zelf online een vereenvoudigd label aanvragen. Sindsdien moet er iemand komen kijken. Er staan dus nog genoeg huizen te koop met een label waarvoor nooit een adviseur binnen is geweest.
Wat het label niet zegt
Terug naar dat huis met de C. In de huis-sheet had ik een kolom "label", en daar rekende ik mee alsof het een rapportcijfer was: een C kreeg meer punten dan een D. Bij de bezichtiging vroeg ik de makelaar, meer uit gewoonte dan uit wantrouwen, wat de verkopers per jaar verbruikten. Ze mailde de volgende dag: ongeveer 1.900 m³ gas, met z'n tweeën.
Dat is veel. Het label bleek uit 2017 te komen, door de vorige eigenaar zelf ingevuld, en het HR++-glas waar die C op leunde zat alleen in de voorkamer. Achter zat nog gewoon dubbel glas uit de jaren tachtig, in een houten kozijn dat je met je duim kon indeuken. Op papier was het een C. In de winter was het iets anders.
Andersom kan ook. Bij de D van afgelopen zaterdag in Zwolle-Zuid verbruiken de verkopers volgens de makelaar rond de 1.350 m³, terwijl er overdag bijna altijd iemand thuis is. Een label zegt niets over de leeftijd van de ketel, over tocht langs de voordeur of over een thermostaat die standaard op 22 graden staat.
Hoe we nu zelf het verbruik inschatten
Sinds dat huis met de C doen we bij elke bezichtiging hetzelfde rondje:
- Vragen naar het echte verbruik, en naar wie er woont. Een gepensioneerd stel dat de hele dag thuis is, stookt anders dan twee mensen die allebei werken.
- Kijken naar de datum en het soort label. Een oud, zelf ingevuld label nemen we met een korrel zout.
- De gevel bekijken. Een regelmatig patroon van dichtgemaakte gaatjes in de voegen betekent meestal dat de spouw achteraf is gevuld.
- Glas, ketel en kruipluik zoeken. In de strip tussen de ruiten staat vaak wat voor glas het is, op de ketel staat een bouwjaar en onder het luik zie je of er iets tegen de vloer zit.
Als ijkpunt gebruik ik ons eigen appartement. Met buren boven, onder en naast ons verbruiken we daar zo'n 750 m³ gas en 1.800 kWh stroom per jaar. Een tussenwoning heeft ook buren links en rechts, maar wel een eigen dak en een vloer boven een koude kruipruimte. Voor zo'n huis met een D reken ik nu op 1.200 tot 1.500 m³, tenzij het echte verbruik iets anders zegt.
Waarom dat ertoe doet: met een gasprijs van rond de € 1,40 per m³, zoals wij die nu betalen, is 400 m³ verschil ruim € 550 per jaar. Dat is een halve maand huur, elk jaar opnieuw.
Een D schrikt me inmiddels niet meer af. In onze prijsklasse is de vraag niet óf het een D is, maar wélke D, en wat het kost om er een C van te maken. Spouw vullen, iets onder de vloer, misschien ooit ander glas. Die rekensom heb ik nog niet gemaakt. Wordt dat het volgende tabblad, of wacht ik daarmee tot we ergens wél de sleutel van hebben?




