Als je bij ons aanbelt, hoor je eerst Moos. Hij springt van de vensterbank in de voorkamer, landt met een doffe bons op de pvc en staat eerder bij de deur dan wij. Die vensterbank veroverde hij een paar weken na de verhuizing en hij heeft hem nooit meer afgestaan.
Op 16 mei 2025, om kwart over twaalf, kregen we de sleutel. Nu, anderhalf jaar later, neem ik je mee door het huis: wat we veranderden, wat het kostte en wat er nog op de lijst staat.
Beneden
In de hal hangt de fotowand van juni: zeventien lijstjes, bijna allemaal recht. De trapkast is eindelijk een voorraadkast, met planken van € 64. In de meterkast zitten de groepenkast van vorig jaar september (€ 1.150, acht groepen en eindelijk aardlekschakelaars), het glasvezelkastje en de slimme meter. Onder het kruipluik in de hal begint de kruipruimte, waar sinds maart isolatieplaten tegen de onderkant van de vloer zitten.
De woonkamer is een doorzonkamer. De voorkant ligt op het noordoosten en is donker, de achterkant kijkt uit op de tuin. Het oude tapijt is weg: de pvc legden we in juni 2025 zelf, voor € 1.380. De gordijnen kostten € 890 in plaats van de € 2.300 voor maatwerk, en drie lampen met vier slimme stekkers maken het 's avonds gezellig voor € 260. De bank (€ 180) en het dressoir (€ 95) komen van Marktplaats, de uitschuiftafel sinds mei ook (€ 240). Van de elf kamerplanten die meeverhuisden, leven er nog zeven.
De keuken is het grootste verschil. De oude uit 1994 ging in maart de deur uit, sinds eind april staat er een rechte keuken met inductie, een vaatwasser en de combimagnetron. Totaal € 6.400, € 300 meer dan de offerte, door een langer werkblad en extra stopcontacten. Die stopcontacten had ik vanaf het begin moeten tekenen.
Boven en op zolder
Onze slaapkamer is sinds maart een rustige kamer in plaats van verhuisopslag, voor € 450. Het te koude grijs dat ik er vorig jaar op de muur zette, was er na één avond schilderen alweer af. De kleine kamer is op dinsdag en donderdag mijn werkplek en een logeerkamer als Daan en Siem komen slapen: een bureau van IKEA, een tweedehands stoel van € 45 en een lamp, samen € 340.
De badkamer is nog precies zoals we hem kochten: zalmkleurige tegels uit 1987 en een bad waar niemand in gaat. Drie offertes, tussen € 9.000 en € 16.500, en het besluit om nog een jaar te sparen. Erboven ligt de zolder, sinds februari bereikbaar met een vlizotrap en voorzien van een echte vloer, samen € 620. Daar staan de ketel uit 2011 en de kerstspullen, die je er nu ook weer uit krijgt.
Buiten en wat je niet ziet
De achtertuin knapten we in april in vijf weekenden op, voor € 1.340. Er staan twee moestuinbakken en achterin de houten schuur, zonder de oude vriezer. Wat je niet ziet, zit in de muren en eronder: de spouwmuurisolatie van januari (€ 1.090), de vloerisolatie van eind februari (€ 1.240) en een dakgoot die sinds vorig jaar juli niet meer lekt (€ 480). Van de ISDE kregen we € 396 terug. Van het verbouwbudget van € 21.000 is nu ongeveer € 14.120 uitgegeven. Het inrichten betaalden we apart, uit het gewone maandgeld.
Wat er nog op de lijst staat
- de badkamer, volgend jaar, met één lijst voor alle offertes
- zonnepanelen, pas na de badkamer
- een hybride warmtepomp, als de ketel het opgeeft
- een nieuw energielabel, want op papier zijn we nog steeds D
- het voortuintje, dat nu vooral uit grind en een kliko bestaat
Bram vindt dat de lijst nooit korter wordt. Daar heeft hij gelijk in. Maar de bovenste regel is in anderhalf jaar van ‘alles’ naar ‘de badkamer’ gegaan, en dat vind ik best ver.




